Training Fabian Miesen 16/8

Fabian Miesen is een eigenzinnige schaker. Wellicht wel een eigenzinnig mens. Ik hou daar van. Zijn optreden afgelopen donderdag bij MagnusMosa bevestigde mijn vermoeden: Fabian is geen herkauwer noch naprater. Fabian heeft zelf het schaakspel ontdekt. De inzichten die hij deelt, heeft hij volledig doorleefd of zelfstandig ontdekt. Hij heeft een oorspronkelijke manier van kijken. Een punt van kritiek wellicht is dat zijn terminologie van de principes nog niet helemaal spot-on is, maar de kern van zijn verhaal is zeer waardevol.

Hij begon zijn les met ons duidelijk te maken, dat we niet beter kunnen leren schaken, omdat we te veel weten: “Je weet heel veel, maar je doet het niet.” Daarna nam hij ons mee in een heel fundamentele benadering van het spel: “Het spel is een oorlogsspel. Je hebt aan het begin de helft van het bord voor het oprapen. Twee bezette rijen worden er 4 dan 5, dan 6 en 7 en dan is het meestal wel afgelopen.”

In essentie is het spel dus een strijd om zoveel mogelijk velden te bezetten. Het deed me denken aan een uitspraak van Boris Gelfand: “No matter who you are, there are only 64 squares on the board. And if I control 40, there will only be 24 left for you – no matter how strong a player you are.”

Hij illustreerde deze bewering aan de hand van twee stellingen. Iets wat op het eerste gezicht niet meteen in het oog sprong, was dat degene die meer velden had, duidelijk beter stond. Het duurde dus even totdat wij dat doorhadden. Een eye-opener.

In de loop van de avond leerde Fabian de aanwezigen (15 in totaal) dat iedere stelling benaderd kan worden vanuit 7 principes. Wanneer je deze principes consequent toepast, kom je altijd tot een goed plan en een goede zet.


1. Principe van Materiaal

Het eerste principe dat Fabian besprak was materiaal. Kan je ongestraft materiaal pakken? Altijd doen. Het gaat niet om het hout dat je erna in de doos gooit, maar om de extra velden die het oplevert. Zelfs als sla je maar een lullige pion: dat zijn toch weer twee velden die je tegenstander niet meer kan bestrijken met de pion. Een interessante en originele manier om tegen materiaal aan te kijken. Ik had het in ieder geval nog nooit bekeken. Leuk.

2. Principe van Aanval

Als je iets kan aanvallen, doe het. Schaken is een oorlogsspel en als je je tegenstander kan aanvallen, bepaal jij de strijd. Vaak zal een aanval ook op de helft van de tegenstander zijn, dus dat is ook mooi meegenomen.

3. Principe van het slechtste stuk

Fabian besteedde veel tijd aan dit onderwerp. Hij besprak de hoofdvariant van de Najdorf aan de hand van dit principe. Het idee dat je een damezet doet om de toren te ontwikkelen, was ook echt fris. De toren op a1 is het slechtste stuk: dus dit stuk moet worden geactiveerd. Hij liet enkele partijfragmenten zien, waarbij hij de zetten verklaarde vanuit het principe van activiteit: telkens ging hij op zoek naar zijn slechtste stuk om dat stuk vervolgens te activeren. Een zeer bruikbare handreiking.

4. Principe van neutraliseren

Stukken van de tegenstander die in jouw kamp staan, wegjagen. Of zelfs slaan.

5. Principe van beperken

Ik den k dat de term inperken de lading beter dekt. Hij bedoelt hiermee om velden af te nemen, om de mobiliteit van de tegenstander in te perken (of te beperken, zoals Fabian stelt). Bijvoorbeeld: je speelt h2-h3 om Lg4 te voorkomen in de Pirc of a7-a6 in de Najdorf om Pb5 te voorkomen.

6. Principe van maximale activiteit

Wanneer je een stuk activeert, doe het dan zo ver mogelijk naar voren. Plaats je stukken op de meest actieve positie. Persoonlijk vind ik dit punt erg lijken op het principe van het slechtste stuk, maar wellicht vullen deze principes elkaar aan.

7. Principe van het Centrum

Aan dit principe besteedde Fabian door tijdgebrek niet veel aandacht.

Als klapstuk demonstreerde Fabian een partij van hem van een jaar of 5 geleden waarin hij een sterke IM op remise hield met zwart. Hoewel hij zich destijds nog niet bewust was van de principes, bleek in retrospect dat hij deze wel al toepaste. Opmerkelijk hierbij is dat Fabian op basis van algemene observaties tot concrete zetten komt en zich niet (te vroeg) inlaat met complexe berekeningen of complicaties. “Ik ga hier niet rekenen: mijn tegensander heeft 4 stukken op deze vleugel en ik 2 dus dat heeft geen zin.” Een heel beschouwelijke manier van spelen waarmee hij veel energie bespaart, terwijl zijn tegenstander zich suf rekent of verrekent (ik spreek uit ervaring).

De bijeenkomst inspireert mij ook om met eigen ogen naar een stelling te kijken en de fundamentele logica te ontdekken. Ik denk dat met name de wijze waarop Fabian het principe van het slechtste stuk belicht me zal helpen bij het versterken van mijn eigen algoritme.

Fabian zinspeelde na afloop van de eerste training over een mogelijk vervolg. In dat vervolg zou aan bod komen op welke wijze je deze principes traint en leert toe te passen. We gaan ruimte maken in het programma om de trainingen in te richten.